Categoriearchief: Veiligheid

Te weinig kennis over langetermijnrisico’s van zoutwinning

19 februari 2020 | Stop Zoutwinning

Nieuw onderzoek bevestigt opnieuw dat er te weinig kennis is over de risico’s van zoutwinning op lange termijn.

Kennisprogramma Effecten Mijnbouw (KEM) heeft in opdracht van Staatstoezicht op de Mijnen (SodM) onderzoek gedaan naar de langetermijnrisico’s van het afsluiten van zoutcavernes.

De wetenschappers concluderen dat het met de huidige kennis over een diepe caverne die afgesloten is, niet mogelijk is om te zeggen wat er op de lange termijn gebeurt. De onderzoekers geven aan dat hier meer onderzoek en verbeterde integratie van kennis en modellen voor nodig is.

Met andere woorden: Er is op dit moment dus nog te weinig kennis om te kunnen inschatten wat de langetermijnrisico’s zijn voor ons drinkwater, het milieu en de land- en tuinbouw!

Minister Wiebes heeft gezegd dat hij uitbreiding van zoutwinning alleen zal toestaan als vaststaat dat dit veilig kan.

Ook uit dit onderzoek blijkt weer dat men dat niet weet en dat wetenschappers het onderling niet eens zijn.

Dan lijkt ons maar 1 conclusie mogelijk: Uitbreiding van de zoutwinning niet toestaan!

Zie ook

 

Antwoorden minister Wiebes misleidend

26 november 2019 | Stop Zoutwinning

In de Tweede kamer is op 16 april 2019 voor ons een belangrijk moties aangenomen:

De motie van Tom van der Lee (32848-186), medeondertekend door Sandra Beckerman (SP) en Frank Wassenberg (PvdD).

Hierin verzoekt hij de regering om eerst te onderzoeken wat de cumulatieve effecten van mijnbouwactiviteiten in de regio zijn voordat een besluit wordt genomen over het winningsplan 2018 van Nedmag.

Het lijkt erop dat deze motie niet meegenomen is in het SodM-advies over het winningsplan Nedmag Borgercompagnie en Tripscompagnie. Aangenomen Tweede Kamer-moties mogen natuurlijk niet genegeerd worden. Daarom hebben wij dit aangekaart bij de indiener, Tom van der Lee. Hij heeft er meteen Kamervragen over gesteld.

De antwoorden van minister Wiebes op die Kamervragen daarover zijn zo misleidend dat zelfs wij daar wel even stil van waren. En wij zijn inmiddels toch heel wat gewend!

Minister Wiebes doet het voorkomen alsof het enige effect van mijnbouw de bodemdaling is en dat bodemdaling dus ook het enige is wat er in het kader van de motie onderzocht hoeft te worden. Wij hebben aangekaart bij een aantal Tweede Kamerleden. Henk Nijboer heeft er inmiddels vragen over gesteld bij het Algemeen overleg Mijnbouw van 27 november 2019.


Kamervragen Tom van der Lee 25 oktober 2019

  • Vraag 1
    Bent u bekend met het advies van het SODM inzake het winningsplan van Nedmag, dat op 23 oktober 2019 is gepubliceerd op de SODM website?
    • Antwoord 1
      Ja. Op 28 november 2018 ontving ik een gewijzigd winningsplan voor de zoutwinning door Nedmag. Hierna heb ik op 14 december 2018 eerst een bestuurlijk overleg gevoerd met de regio over de aanvraag, waarna ik op 17 december 2018 SodM om advies heb gevraagd. SodM heeft mij op 27 juni 2019 zijn advies gestuurd en op 26 september 2019 een aanvullend advies.
  • Vraag 2
    Kunt u aangeven of en zo ja, in welke mate het SODM en/of TNO bij de voorbereiding van dit advies uitvoering heeft/hebben gegeven aan de aangenomen motie-Van der Lee c.s. over het onderzoeken van cumulatieve mijnbouweffecten in Groningen?
  • Vraag 3
    Kunt u tevens in detail aangeven hoe en door wie opvolging is gegeven aan het expliciete verzoek uit de motie, dat onderzocht wordt wat de cumulatieve effecten van de mijnbouwactiviteiten in de regio zijn, voordat u een besluit neemt over het winningsplan 2018 van Nedmag of dient dit onderzoek nog plaats te vinden? Zo ja, door wie?

Antwoord 2, 3
Zowel Nedmag in de aanvulling op het winningsplan 2 als SodM in zijn advies 3 geven aan dat het bodemdalingsscenario uitgaat van de waargenomen bodemdaling waarin ook andere effecten, zoals bodemdaling door gaswinning en de autonome bodemdaling, zijn meegenomen. Het is deze cumulatieve bodemdaling waarop de genoemde adviezen betrekking hebben.

Bij motie van 10 april 2019 heeft lid Van der Lee (GroenLinks) de regering verzocht dat, voordat een besluit wordt genomen over het winningsplan 2018 van Nedmag, onderzocht wordt wat de cumulatieve effecten zijn van de mijnbouwactiviteiten in de regio. Bij de beoordeling van de aanvraag zal ik invulling geven aan deze motie.

Het is de rol en verantwoordelijkheid van zowel TNO als SodM om in hun advies op een winningsplan na te gaan of de geschetste scenario’s voor onder meer de verwachte bodemdaling reëel zijn en er voldoende veiligheidsmarges in acht worden genomen. Het staat buiten kijf dat voor een goede advisering op zowel de veiligheid als op de nadelige effecten van de bodemdaling voor het gebied er zicht moet zijn op de cumulatieve bodemdaling.

Tevens heb ik de decentrale overheden, vanwege hun regionale en lokale kennis van het gebied, gevraagd om mij te adviseren over de nadelige gevolgen van de totaal te verwachten bodemdaling. Met name effecten op natuur en milieu, de veiligheid van omwonenden en de te verwachten effecten op aanwezige bebouwing of infrastructurele werken of de functionaliteit daarvan, zijn van belang voor de afweging die ik moet maken in het besluit. Na ontvangst van alle adviezen, beoordeel ik de aanvraag in het licht van de cumulatieve effecten van de reeds vergunde mijnbouwactiviteiten in het gebied.

  • Vraag 4
    Kunt u verklaren waarom in de gepubliceerde rapporten van SODM en TNO niet expliciet is ingegaan op «de cumulatieve effecten van de mijnbouweffecten in de regio» of wordt stilgestaan bij bovengenoemde motie-Van der Lee c.s.?
  • Vraag 5
    Bent u bereid SODM te vragen hoe zij in hun advies tot een deels positief oordeel hebben kunnen komen over zoutwinning in nieuwe gebieden zonder eerst het onderzoek naar cumulatieve effecten in de regio uitgevoerd en gepubliceerd te hebben?

Antwoord 4, 5
Ik hecht grote waarde aan het feit dat de adviseurs onafhankelijk zijn in hun oordeel en in hun advies aan mij. Als ik verduidelijking nodig heb op een advies, dan kan ik dat vragen.

Zoals aangegeven, is bij de beschrijving van de bodemdaling en de risicoanalyse daarvan door SodM, rekening gehouden met de gaswinning uit nabij gelegen gasvelden (Groningenveld en Annerveen). De weging van deze adviezen vindt plaats in de motivatie van het besluit dat ik ga nemen op de aanvraag. In mijn besluit zal ik expliciet ingaan op de cumulatieve bodemdaling in het gebied en de motie Van der Lee c.s.

Overigens heb ik TNO gevraagd om een kaart te maken waarop de bodemdalingscontouren staan aangegeven van de cumulatieve bodemdaling die op grond van de nu geldende vergunningen en maatregelen wordt verwacht.Daarnaast heb ik TNO ook gevraagd eenzelfde kaart te maken, maar dan met de cumulatieve bodemdaling rekening houdend met het winningsplan van Nedmag dat ik nu in behandeling heb.

  • Vraag 6
    Binnen welk tijdsbestek bent u van plan een besluit te nemen over het winningsplan van Nedmag?
  • Vraag 7
    Bent u bereid, als dit besluit op korte termijn op handen is, uw besluit uit te stellen totdat deze Kamervragen beantwoord zijn en de resultaten van het onderzoek naar cumulatieve effecten publiek zijn gemaakt en met de Kamer zijn gedeeld?

Antwoord 6, 7
Ik verwacht niet op korte termijn een besluit te nemen. Momenteel ben ik nog in afwachting van de adviezen van de Technische commissie bodembeweging (Tcbb) en van de regionale overheden.Na ontvangst van deze adviezen zal ik nog advies aan de Mijnraad vragen.

Een ontwerpinstemmingsbesluit zal ik niet eerder dan in het eerste kwartaal van 2020 kunnen nemen. Vervolgens volgt er nog een zienswijze periode, en na verwerking van alle zienswijzen kan ik pas een definitief besluit nemen. In het ontwerpinstemmingsbesluit zal ik expliciet ingaan op de cumulatieve effecten van alle mijnbouwactiviteiten in het gebied.

Zie ook

 

Winningsplan Nedmag onverantwoord, meer onderzoek nodig

20 november 2019 | Stop Zoutwinning

Volgens Waterschap Hunze en Aa’s ontbreekt er zoveel informatie aan het winningsplan Nedmag 2018 dat de minister van Economische Zaken en Klimaat (EZK) hier nog niet mee in zou mogen stemmen.
Diverse onderwerpen zijn onvoldoende onderbouwd of zelfs helemaal (nog) niet onderzocht.

Het is niet duidelijk wat de gevolgen zijn en waar deze aan de bovengrond zullen optreden.
Op basis van dit winningsplan een vergunning afgeven zou volgens het waterschap onverantwoord zijn.

Er moet onder andere nog worden onderzocht wat de gevolgen van de bodemdaling zijn op de grondwaterstromingen in het bodemdalingsgebied en naar de directe omgeving daarvan.
Dat is nodig om te kunnen bepalen welke gevolgen dit heeft op het grondgebruik van o.a.: land- en tuinbouw, natuur, gebouwen, wegen, riolering, kabels en leidingen.

De gevolgen voor mens en milieu aan de bovengrond zijn zelfs helemaal niet meegenomen in het winningsplan. Volgens het waterschap zou voor een bodemdaling met een dusdanig vergaande impact op de bovengrond en de ondiepe ondergrond een milieu effect rapportage (MER) op zijn plaats zijn.

Volgens het waterschap zijn en blijven de dynamiek en de complexiteit van de diepe ondergrond onvoorspelbaar. Naar de toekomst toe is het uitermate onzeker of er zich geen nieuwe calamiteiten en/of onvoorziene ontwikkelingen zullen voordoen die van invloed zullen zijn op het functioneren van het watersysteem. Het waterschap is van mening dat álle risico’s en gevolgen van zoutwinning volledig voor rekening zijn van de veroorzaker, niet alleen nu maar ook in de verre toekomst. Het mag niet zo zijn dat het waterschap (en dus de inwoners) dit moet betalen.

Volgens het waterschap ontbreken in dit winningsplan de benodigde zorgvuldigheid en volledigheid. In haar brief aan de minister van EZK doet zij een aantal aanbevelingen over welke onderzoeken en maatregelen noodzakelijk zijn om een zorgvuldig en verantwoord besluit te kunnen nemen.

We zijn onder de indruk van de manier waarop Waterschap Hunze en Aa’s haar adviesrol invult, haar verantwoordelijkheid neemt richting inwoners en van de keuze om het advies zo te verwoorden dat dit ook voor belanghebbende inwoners begrijpelijk is. Hier kunnen veel instanties een voorbeeld aan nemen!

Brief Advies Waterschap Hunze en Aa’s aan Minister van Economische Zaken en Klimaat  | Waterschap Hunze en Aa’s | 13 november 2019
Bijlage bij Advies met toelichting  |   Waterschap Hunze en Aa’s | 13 november 2019

 

Mijnbouwgegevens onbetrouwbaar

9 november 2019 | Stop Zoutwinning

Schokkende resultaten gezamenlijk onderzoek van de noordelijke regionale omroepen bevestigen dat we niet kunnen vertrouwen op de informatie die mijnbouwbedrijven aanleveren.

  • Besluiten en risico-afwegingen over mijnbouw zijn gebaseerd op informatie van de mijnbouwbedrijven zelf.
  • Er wordt onvoldoende gecontroleerd of die informatie wel klopt.
  • De mijnbouwsector bepaalt zelf wat, waar, wanneer en hoe gemeten wordt en hoe die metingen geanalyseerd, geïnterpreteerd en gepubliceerd worden.
  • Die gegevens zijn niet allemaal voor iedereen toegankelijk waardoor de juistheid daarvan niet door onafhankelijke wetenschappers kan worden vastgesteld.
  • Onafhankelijke controle is wel nodig omdat de mijnbouwsector er grote financiële belangen bij heeft om de risico’s te bagatelliseren en de kosten te beperken.
    Dat doen ze ook, daar zijn tientallen voorbeelden van.
  • De winsten uit de gas-, zout- of oliewinning worden gedeeld tussen de winmaatschappijen en het ministerie van Economische zaken en Klimaat (EZK). EZK heeft daardoor dus ook financiële belangen, terwijl die ook verantwoordelijk is voor de vergunningverlening, toezicht en handhaving.

Uit diverse onderzoeken is gebleken dat die informatie niet betrouwbaar is. Gerenommeerd onderzoeker ir. Adriaan Houtenbos brengt dit al langere tijd onder de aandacht. Het is dus niet zo dat de overheid dit niet weet.
Er worden dus vergunningen op oneigenlijke gronden verleend. Het is nog niet duidelijk hoeveel dat er precies zijn, maar er zijn  al tientallen voorbeelden gevonden.

In de onderstaande video’s van rtv Oost wordt kort en duidelijk uitgelegd hoe dit werkt.

De conclusies uit het nieuwe gezamenlijk onderzoek van de noordelijke omroepen zijn ronduit schokkend!
In de uitstekende artikelen van Omrop Fryslân en rtv Oost wordt dit zo goed beschreven dat dit voor iederen duidelijk is:

rtv Drenthe heeft ervoor gekozen om niet alle onderzoeksresultaten te publiceren maar alleen een samenvatting.
RTV Noord deed ook mee aan het onderzoek maar heeft er tot nu toe nog helemaal niets over gepubliceerd. Wij gaan er van uit dat dit alsnog zal gebeuren, tenslotte is dit ook voor veel inwoners van Groningen en Drenthe buitengewoon belangrijk.

De zoutwinning door Nouryon bij Winschoten wordt niet genoemd, terwijl het daar toch waarschijnlijk niet anders zal zijn. Wij verwachten dat er nog een vervolg komt.

Korte video’s met uitleg van rtv Oost



Zoutwinning: de winst vloeit naar het buitenland, maar de provincies blijven met de brokken zitten

14 oktober 2019 | Follow the Money | Arne van der wal & Goos de Boer

Nederland is in Europa de op een na grootste producent van zout. De zoutwinning heeft lange tijd in de schaduw gestaan van de gaswinning. Net als bij het gas, zijn de schadelijke gevolgen lang gebagatelliseerd. Daar komt langzaam verandering in. Maar een ‘afbouwplan’ ontbreekt nog.

Een paar citaten:

“Houtenbos zegt dat bij alle incidenten die er de afgelopen jaren plaats hebben gehad geen een ‘vóór aanvang van de winning als reële mogelijkheid werd onderkend’.

Met andere woorden: we denken wel dat de risico’s laag zijn, maar in werkelijkheid hebben we er vooral niet zo’n goed beeld van. Houtenbos is van mening dat de overheid bij de beoordeling van de risico’s te veel uitgaat van de theoretische modellen die de mijnbouwer heeft verstrekt. En die zijn volgens hem nooit accuraat geweest.”

“Terwijl de zeespiegel de komende decennia almaar verder stijgt, daalt de bodem in het noorden van het land als gevolg van gas- en zoutwinning gestaag. Volgens experts zoals Houtenbos verloopt bodemdaling door gas- en zoutwinning op zich heel geleidelijk, maar veelal sneller en langer na-ijlend dan mijnbouwbedrijven vooraf aangeven. Bodemdaling door zoutwinning kan door technische problemen plotseling oncontroleerbaar versnellen.”

Lees verder …

Jakoba Gräper-Niemeijer en Stop Zoutwinning wonnen de pitch die FTM samen met regionale omroepen van Groningen, Friesland, Drenthe en Overijssel organiseerde.
Dit is het 5e artikel in die serie

SodM-jaarverslag 2018

17 mei 2019 | Stop Zoutwinning

Het jaarverslag van Staatstoezicht op de Mijnen (SodM) over 2018 geeft een veel rooskleuriger beeld over de risico’s van zoutwinning dan o.a. de SodM-reactie op het eindrapport van Nedmag over de calamiteit bij Tripscompagnie op 20 april 2018.

Inmiddels is volstrekt duidelijk dat men veel te weinig weet over de risico’s van zoutwinning, de gevolgen op langere termijn en de risico’s door de combinatie van o.a. gas- en zoutwinning (gestapelde mijnbouw).

SodM wekt hiermee de indruk de risico’s te bagatelliseren. Dit helpt niet om het vertrouwen van de inwoners van onze regio terug te winnen, een gemiste kans!

 

Geen nieuwe cavernes zolang niet aantoonbaar veilig te verlaten

3 mei 2019 | Stop Zoutwinning

Staatstoezicht op de Mijnen (SodM) adviseert om geen nieuwe cavernes aan te leggen bij Heiligerlee, zolang AkzoNobel niet weet hoe ze veilig te verlaten zijn.

De calamiteit bij Nedmag op 20 april 2018 heeft geleid tot nieuwe inzichten over de lange termijnstabilisatie op hoge druk. Men dacht dat dit veilig was maar hierdoor bleek dat een plotselinge doorbraak uit het dak van de caverne mogelijk is. Volgens SodM is er een situatie ontstaan waarvan men niet weet hoe men daar op de lange termijn mee om moet gaan.

De grote zoutcavernes zoals die zijn ontwikkeld bij Heiligerlee kunnen tot onwenselijke en potentieel gevaarlijke situaties leiden. De cavernes moeten mogelijk voor zeer lange termijn bewaakt blijven.

SodM stelt dat het niet verantwoord is om extra cavernes te laten ontstaan zolang er geen strategie is voor het veilig en zonder schade verlaten van de cavernes.

Daarom adviseert SodM aan de minister van Economische Zaken en Klimaat (EZK) om in te grijpen, het huidige winningsplan aan te passen en AkzoNobel geen uitbreiding toe te staan.

Het is goed dat SodM aan de minister van EZK adviseert om in te grijpen maar we vinden het verontrustend dat dit nu pas gebeurt. Wat betekent dit voor andere zoutwinlocaties en andere winningsplannen? Bijvoorbeeld van Nedmag? We gaan het SodM zeker vragen!

En waarom meldt SodM dit niet  in de nieuwsrubriek op de SodM-website? De grote calamiteit bij Nedmag van 20 april 2018 werd daar ook niet gemeld. Waarom niet? Voor meer transparantie is dat toch zeker noodzakelijk.

Zie ook

 

Oordeel SodM over Nedmag-rapport calamiteit 2018

19 april 2019 | Stop Zoutwinning

Het Staatstoezicht op de Mijnen (SodM) heeft gereageerd op het eindrapport van Nedmag over lekkage van pekel en hoogstwaarschijnlijk ook diesel door het dak van een zoutcaverne bij Veendam. SodM deelt de conclusies over de waarschijnlijke oorzaak. We hebben dus nog steeds geen zekerheid over de oorzaak. Dat stelt ons niet bepaald gerust.

Dieselolie weggelekt?
Een van de gevolgen van de lekkage is een kans op verontreiniging van de ondiepe ondergrond.
De vloeistof die gelekt is uit het cavernestelsel bestaat grotendeels uit pekel maar er kan ook dieselolie meegelekt zijn omdat er een grote hoeveelheid dieselolie in het cavernestelsel zit, ca. 45 miljoen liter, dat is nog 5 miljoen meer dan eerder werd vermeld. Zowel Nedmag als SodM weten niet waar deze enorme hoeveelheid diesel zich exact bevindt.

Risico’s voor mens en milieu
Volgens Nedmag is bij de lekkage geen gevaar opgetreden voor mens en milieu maar SodM denkt daar toch anders over. Hoewel SodM de kans klein acht dat grond- en oppervlaktewater door pekel of dieselolie vervuild worden, kunnen de gevolgen in het geval van een eventuele vervuiling wel groot zijn. Vanwege de grote onzekerheden in de berekeningen van de scheur en de eigenschappen van de ondergrond vindt SodM het belangrijk om voorzichtig te zijn.

Nedmag heeft nog steeds onvoldoende kennis
SodM is van mening dat Nedmag meer kennis had kunnen (en moeten) ontwikkelen om de situatie beter te begrijpen en onder controle te hebben. SodM is daarom ook van mening dat mocht Nedmag in de toekomst verder willen opereren ze deze kennis moet vergaren.

Snellere en grotere bodemdaling
Ook een punt van zorg is dat de beheersmaatregelen tot een veel snellere en grotere bodemdaling van 76 cm leiden in plaats van de toegestane 50 cm.
Het waterschap Hunze en Aa’s heeft maatregelen genomen om de effecten van een bodemdaling van 69 cm aan te kunnen. Deze maatregelen zullen nu uitgebreid moeten worden. Het is maar de vraag of dat nog haalbaar is.

Zie ook

Eerdere berichten

Uitslag stemming moties zoutwinningsdebat Tweede Kamer 10 april 2019

16 april 2019 | Stop Zoutwinning

De Tweede Kamer heeft op 16 april 2019 gestemd over de moties die ingediend zijn bij het dertigledendebat over problemen met zoutwinning in Groningen.

Van de 5 ingediende moties zijn er 3 door de Tweede Kamer verworpen. Dat vinden wij bijzonder teleurstellend.
Er zijn gelukkig ook 2 belangrijke moties aangenomen:

  • De motie van Tom van der Lee (32848-186), medeondertekend door Sandra Beckerman (SP) en Frank Wassenberg (PvdD).
    Hierin verzoekt hij de regering om eerst te onderzoeken wat de cumulatieve effecten van mijnbouwactiviteiten in de regio zijn voordat een besluit wordt genomen over het winningsplan 2018 van Nedmag.
  • De motie van Frank Wassenberg (32848-184), medeondertekend door Sandra Beckerman (SP), Alexander Kops (PVV), Tom van der Lee (GL).
    Hierin verzoekt hij de regering geen zoutwinning toe te staan als deze niet veilig, verantwoord en toekomstbestendig is.

Ingediende moties

Zie ook

Zoutwinningsdebat Tweede Kamer 10 april 2019

10 april 2019 | Stop Zoutwinning

Stichting Stop Zoutwinning deelt kennis en onderzoeksresultaten met politici en lokale bestuurders. Dat dit goed werkt is merkbaar aan de vragen die zij stellen en de moties die zij indienen. Een goed voorbeeld daarvan is het zoutwinningsdebat van de Tweede Kamer van 10 april jl. , deze keer met extra aandacht voor de risico’s van gestapelde mijnbouw.

Er zijn hele goede vragen aan minister Wiebes gesteld en, voor ons, belangrijke moties ingediend.  Een aantal Tweede Kamerleden zet zich onvermoeibaar in voor de mijnbouwgedupeerden, daar zijn we erg blij mee.

Heel kort samengevat komt het er op neer dat ook Tweede Kamerleden vinden dat er meer, en onafhankelijk, onderzoek nodig is en dat de zoutwinning niet zou mogen worden uitgebreid voordat uit die onderzoeksresultaten blijkt dat het veilig en verantwoord kan en toekomstbestendig is.

Schade moet zoveel mogelijk worden voorkomen en de schade-afhandeling moet worden verbeterd. Op de vraag of er wel voldoende, en de juiste, meetapparatuur geplaatst is om alle gevolgen te kunnen vaststellen geeft minister Wiebes een ontwijkend antwoord. Daar moet dus nog over worden doorgevraagd.
De Kamer stemt op 16 april 2019 over de ingediende moties.

Op de website van de Tweede Kamer kunt u het volledige verslag van het zouwinningsdebat van 10 april 2019 lezen.

Debat gemist?

Ingediende moties