Categoriearchief: Veiligheid

Nedmagbesluit gebaseerd op drijfzand

26 juni 2020 | Stop Zoutwinning

Er is onvoldoende zekerheid over de juistheid, volledigheid en onafhankelijkheid van de aangeleverde informatie die als basis voor de besluitvorming en onderzoek gebruikt is (en wordt). Bij onomkeerbare gevolgen en risico’s, zoals bij de zoutwinning door Nedmag, is dat nog belangrijker dan anders.

Een zorgvuldig oordeel over de gevolgen en de risico’s van zoutwinning door Nedmag is daardoor onmogelijk. Toch beweert de overheid dat dit wel kan. Stichting Stop Zoutwinning denkt daar anders over.  

Belangenverstrengeling
De overheid heeft zelf financiële belangen bij de zoutwinning door Nedmag. EZK is, samen met de 3 noordelijke provincies, eigenaar van de NOM die 50% van de aandelen van  Nedmag bezit.  De dividenduitkeringen van Nedmag zijn volgens Follow the Money de “kurk” waar de NOM financieel op drijft. Diezelfde overheid stelt ook de regels en voorwaarden vast, is toezichthouder én handhaver. Volgens ons is dit een verregaande en ontoelaatbare belangenverstrengeling.

Bij de beoordeling van winningsplannen weegt de overheid economische belangen van mijnbouwer en schatkist af tegen veiligheids- en milieubelangen van omwonenden.

Te weinig kennis, Informatie niet betrouwbaar, onafhankelijke controle onmogelijk
De overheid doet dit op basis van door de mijnbouwer verschafte gegevens. De regels voor wat, waar, wanneer en hoe onderzoek gedaan en gemeten wordt en hoe die informatie geanalyseerd, geïnterpreteerd en gepubliceerd wordt zijn (en worden) grotendeels overgelaten aan de belanghebbende mijnbouwer. Dat zorgt voor perverse prikkels om de analyses en de rapportages niet te verbeteren. Die gegevens zijn niet allemaal voor iedereen toegankelijk of bruikbaar waardoor de juistheid daarvan niet door onafhankelijke wetenschappers kan worden vastgesteld.

Onafhankelijke controle is wel nodig omdat de mijnbouwsector er grote financiële belangen bij heeft om de risico’s te bagatelliseren en de kosten te beperken. Dat doen ze ook, daar zijn tientallen voorbeelden van. Dit geldt ook voor de overheid.

Er wordt erkend dat er onvoldoende kennis is over de gevolgen en de risico’s van zoutwinning en de cumulatie van effecten als gevolg van de overige activiteiten in de ondergrond in dit gebied.

Tijdige plaatsing van voldoende en adequate meetapparatuur is door mijnbouwers en EZK tegengehouden. Daarmee is effectief voorkomen dat de benodigde kennis opgebouwd is.

Vrijwel alle mensen met voldoende kennis om onderzoek te doen en onderzoeksinformatie en meetgegevens te kunnen interpreteren en valideren, hebben een relatie met de mijnbouwindustrie en zijn voor hun (vervolg) opdrachten van hen afhankelijk.  Door de geschiedenis van de gaswinning weten zij dat volledige openheid over gevolgen en risco’s hen in hun carrière kan schaden en weten wij dat dit risico’s voor de volledigheid en de betrouwbaarheid van de resultaten oplevert.

Gegevens die direct de veiligheids- en milieubelangen van omwonenden betreffen kunnen niet volledig gecontroleerd worden omdat ze niet allemaal openbaar zijn terwijl dat wel verplicht is volgens het verdrag van Aarhus en de Wet Openbaarheid van Bestuur.

Diverse overheden blijven zo ernstig in gebreke bij het voldoen aan hun Wob-verplichtingen dat informatie of niet of zo laat wordt aangeleverd dat burgers en maatschappelijke organisaties de mogelijkheid wordt ontnomen om die voor zienswijzen, bezwaar en beroep te gebruiken. Dit geldt ook voor EZK en SodM. Via de Wob verkregen informatie levert soms uitermate schokkende bevindingen op en blijkt dus zeker nodig voor een zorgvuldig oordeel.

Er is informatie uit rapportages verwijderd, informatie zodanig verwoord of veranderd dat de volledige waarheid verbloemd of gebagatelliseerd is en er is minstens 1 belastend onderzoeksrapport achtergehouden dat zeer relevant is voor de risico-inschatting voor het winningsplan Nedmag 2018.  Niet alleen de mijnbouwers maken zich hier schuldig aan maar ook de overheid zelf, dat is inmiddels uit zoveel  onderzoeken gebleken dat burgers er niet meer van uit kunnen gaan dat de informatie van de overheid zelf betrouwbaar is.

SodM staat bovendien toe dat Nedmag gebruik maakt van experimentele methoden, technieken en middelen die in de praktijk pas getest worden, zonder dat men weet wat de gevolgen en de risico´s zijn. Let wel, het gaat hier om onomkeerbare gevolgen voor mens en milieu. Met name de risico’s voor de drinkwatervoorziening voor Noord-Nederland en de toekomst van duurzame land- en tuinbouw  zijn onverantwoord! Daar is meer informatie over nodig voordat dit wordt toegestaan maar dat vinden SodM en EZK niet nodig, zonder dat zij dit onderbouwen.

Zie ook

Mijnraad en minister EZK negeren adviezen

21 juni 2021 | Stop Zoutwinning

Adviezen SodM, Tcbb, waterschap en lokale overheden genegeerd door Mijnraad en minister EZK

Net als SodM adviseren waterschap Hunze en Aa’s, Tcbb en een aantal lokale overheden om geen actieve winning meer toe te staan uit zoutput TR-9 bij Tripscompagnie. Dat leidt namelijk tot nog meer bodemdaling terwijl het waterschap aangeeft dat dit niet meer beheersbaar is.

SodM en Tcbb hebben zelfs nog aanvullende adviezen uitgebracht waarin zij opnieuw stellen dat geen actieve winning uit TR-9 moet worden toegestaan. SodM stelt dat de risico’s te groot zijn, deze losstaande caverne kan ook verbonden raken met het deels leeggestroomde cluster. Hierdoor kan een nieuwe scheur ontstaan in het grote cluster of het lekpad van april 2018 mogelijk weer open gaan met als gevolg nog grotere onbeheersbare bodemdaling. Samen met bodemdaling van de gaswinning wordt dat sowieso al meer dan 1 meter!

De Mijnraad neemt deze adviezen niet over maar stelt dat er de komende jaren wél actieve winning uit TR-9 toegestaan kan worden omdat de risico’s met een (nog te ontwikkelen) meet- en regelprotocol  te beheersen zijn.  Dat is echter nog niet onderzocht en ervaringen met de gaswinning uit het Groningenveld doen toch anders vermoeden.

De minister van EZK neemt het advies van de Mijnraad over en staat actieve winning uit TR-9 toe.  Onze indruk is dat al die adviezen om economische redenen worden genegeerd. Wat heeft de adviesrol van SodM, Tcbb, waterschappen en de lokale overheden nog voor zin als EZK hen gewoon kan negeren als hen dat uitkomt?

Minister misleidt Tweede Kamer (motie Tom van der Lee c.s.)

20 juni 2020 | Stop Zoutwinning

De minister van Economische Zaken en Klimaat (EZK) voert aangenomen Tweede Kamermotie niet uit en misleidt de Tweede Kamer. Cumulatieve effecten mijnbouw niet voldoende onderzocht (motie Tom van der Lee c.s.1 ) maar de minister doet alsof dat wel zo is.

De locatie van de beoogde Nedmag- uitbreidingen in Borgercompagnie, Kiel-Windeweer, Zuidlaarderveen en Oud Annerveen vallen binnen het effectgebied van de gaswinning in Groningen én Drenthe.

Elke activiteit in deze omgeving behoort te worden bezien in samenhang met álle gevolgen en risico’s van de gaswinning in o.a. het Groningenveld en het Annerveenveld.  Dát is de reden voor de in de Tweede Kamer aangenomen motie van Tom van der Lee1, medeondertekend door Sandra Beckerman (SP) en Frank Wassenberg (PvdD), van 16 april 2019. Hierin verzoekt hij de regering om eerst te onderzoeken wat de cumulatieve effecten van mijnbouwactiviteiten in de regio zijn, voordat een besluit wordt genomen over het winningsplan 2018 van Nedmag voor zoutwinning bij Borgercompagnie en Tripscompagnie.

De minister van  EZK heeft deze aangenomen Kamermotie in feite genegeerd door consequent alleen bodemdaling te noemen en alle overige gevolgen en risico’s te verzwijgen. Zowel in zijn antwoord op de Kamervragen daarover als in het ontwerp-instemmingsbesluit over het winningsplan.

Gestapelde mijnbouw in het effectgebied van de gaswinning uit het Groningenveld heeft echter veel meer gevolgen en risico’s.  

De antwoorden2 van de minister van EZK op Kamervragen van Tom van der Lee van 25 oktober 2019 daarover zijn zelfs zo misleidend dat er volgens ons sprake is van opzettelijk verkeerd informeren van de Tweede Kamer. 

Minister Wiebes doet het in zijn antwoorden namelijk voorkomen alsof het enige effect van mijnbouw de bodemdaling is en dat bodemdaling dus ook het enige is wat er in het kader van de motie onderzocht hoeft te worden.  Dit is  pure misleiding en buitengewoon kwalijk.  Dit is dezelfde tactiek die zowel NAM als overheid bij de gaswinning in Groningen gebruikt hebben.

Minister EZK verdraait advies lokale overheden
In het ontwerp-instemmingsbesluit over het nieuwe winningsplan van Nedmag doet hij dat ook en gaat hij zelfs nog verder. Hij verdraait de tekst van het advies van de gemeenten Tynaarlo en Aa en Hunze door te stellen dat zij adviseren om onderzoek te doen naar bodemdaling te doen. Dat is niet waar, hun advies is breder. Opnieuw pure misleiding. Lees verder …

1 Kamermotie van Tom van der Lee (32849-186), medeondertekend door  Sandra Beckerman (SP) en Frank Wassenberg  (PvdD) van 16 april 2019 over het onderzoeken van cumulatieve mijnbouweffecten in Groningen |  10 + 16 april 2019 | 32849-186.

2 Antwoord minister Wiebes op vragen van het lid Van der Lee over het advies van SodM op het winningsplan van Nedmag | 26 november 2019 | 2019D48047

Ontwerpbesluit winningsplan binnenkort ter inzage

26 mei 2020 | Stop Zoutwinning

Voor zover nu bekend wordt het ontwerp-instemmingsbesluit over het nieuwe winningsplan van Nedmag uiterlijk  18 juni 2020 ter inzage gelegd (ook digitaal).

Stichting Stop Zoutwinning is van mening dat er geen enkele wettelijke of maatschappelijke legitimatie is om in te stemmen met het Winningsplan 2018 van Nedmag:

  • Er is nog steeds te weinig kennis over de gevolgen en de risico’s van de combinatie van gas- en zouwinning in onze regio.
  • Besluitvorming en onderzoek zijn gebaseerd op informatie waarvan niet vaststaat dat die juist, volledig en onafhankelijk is.
    Inmiddels is aangetoond dat er informatie ontbreekt en dat niet alle informatie betrouwbaar is. Denk maar eens aan de inmiddels volledig achterhaalde aardbevingscontourlijnen, de onderuit gehaalde Witteveen & Bos-rapporten en de fouten in de meetgegevens van het KNMI.
  • Het gebied waar Nedmag de zoutwinning wil uitbreiden valt binnen het effectgebied van de gaswinning. De overlast, schade en risico’s door de combinatie van gaswinning en zoutwinning in onze regio zijn inmiddels zo groot dat de grenzen van het toelaatbare al lang overschreden zijn en er sprake is van ernstige risico’s voor de gezondheid van de inwoners.
  • Enorme hoeveelheden giftige mijnbouw- hulpstoffen blijven in de bodem achter. Men weet zelfs nog niet hoe de putten veilig afgesloten kunnen worden. Sommige verontreinigingen maken grondwater voorgoed onbruikbaar voor drinkwater-en voedselproductie. Uitbreiding van zoutwinning in de buurt van waterwin-gebieden en waterbeschermingsgebieden is daarom onverantwoord.

Stop Zoutwinning verwacht dat uit het ontwerp-instemmingsbesluit zal blijken dat de veiligheid nog steeds niet voorop staat en gaat een zienswijze indienen die door iedereen mede-ondertekend kan worden.  Meer informatie daarover volgt binnenkort.

Te weinig kennis over langetermijnrisico’s van zoutwinning

19 februari 2020 | Stop Zoutwinning

Nieuw onderzoek bevestigt opnieuw dat er te weinig kennis is over de risico’s van zoutwinning op lange termijn.

Kennisprogramma Effecten Mijnbouw (KEM) heeft in opdracht van Staatstoezicht op de Mijnen (SodM) onderzoek gedaan naar de langetermijnrisico’s van het afsluiten van zoutcavernes.

De wetenschappers concluderen dat het met de huidige kennis over een diepe caverne die afgesloten is, niet mogelijk is om te zeggen wat er op de lange termijn gebeurt. De onderzoekers geven aan dat hier meer onderzoek en verbeterde integratie van kennis en modellen voor nodig is.

Met andere woorden: Er is op dit moment dus nog te weinig kennis om te kunnen inschatten wat de langetermijnrisico’s zijn voor ons drinkwater, het milieu en de land- en tuinbouw!

Minister Wiebes heeft gezegd dat hij uitbreiding van zoutwinning alleen zal toestaan als vaststaat dat dit veilig kan.

Ook uit dit onderzoek blijkt weer dat men dat niet weet en dat wetenschappers het onderling niet eens zijn.

Dan lijkt ons maar 1 conclusie mogelijk: Uitbreiding van de zoutwinning niet toestaan!

Zie ook

 

Antwoorden minister Wiebes misleidend

26 november 2019 | Stop Zoutwinning

In de Tweede kamer is op 16 april 2019 voor ons een belangrijk moties aangenomen:

De motie van Tom van der Lee (32848-186), medeondertekend door Sandra Beckerman (SP) en Frank Wassenberg (PvdD).

Hierin verzoekt hij de regering om eerst te onderzoeken wat de cumulatieve effecten van mijnbouwactiviteiten in de regio zijn voordat een besluit wordt genomen over het winningsplan 2018 van Nedmag.

Het lijkt erop dat deze motie niet meegenomen is in het SodM-advies over het winningsplan Nedmag Borgercompagnie en Tripscompagnie. Aangenomen Tweede Kamer-moties mogen natuurlijk niet genegeerd worden. Daarom hebben wij dit aangekaart bij de indiener, Tom van der Lee. Hij heeft er meteen Kamervragen over gesteld.

De antwoorden van minister Wiebes op die Kamervragen daarover zijn zo misleidend dat zelfs wij daar wel even stil van waren. En wij zijn inmiddels toch heel wat gewend!

Minister Wiebes doet het voorkomen alsof het enige effect van mijnbouw de bodemdaling is en dat bodemdaling dus ook het enige is wat er in het kader van de motie onderzocht hoeft te worden. Wij hebben aangekaart bij een aantal Tweede Kamerleden. Henk Nijboer heeft er inmiddels vragen over gesteld bij het Algemeen overleg Mijnbouw van 27 november 2019.


Kamervragen Tom van der Lee 25 oktober 2019

  • Vraag 1
    Bent u bekend met het advies van het SODM inzake het winningsplan van Nedmag, dat op 23 oktober 2019 is gepubliceerd op de SODM website?
    • Antwoord 1
      Ja. Op 28 november 2018 ontving ik een gewijzigd winningsplan voor de zoutwinning door Nedmag. Hierna heb ik op 14 december 2018 eerst een bestuurlijk overleg gevoerd met de regio over de aanvraag, waarna ik op 17 december 2018 SodM om advies heb gevraagd. SodM heeft mij op 27 juni 2019 zijn advies gestuurd en op 26 september 2019 een aanvullend advies.
  • Vraag 2
    Kunt u aangeven of en zo ja, in welke mate het SODM en/of TNO bij de voorbereiding van dit advies uitvoering heeft/hebben gegeven aan de aangenomen motie-Van der Lee c.s. over het onderzoeken van cumulatieve mijnbouweffecten in Groningen?
  • Vraag 3
    Kunt u tevens in detail aangeven hoe en door wie opvolging is gegeven aan het expliciete verzoek uit de motie, dat onderzocht wordt wat de cumulatieve effecten van de mijnbouwactiviteiten in de regio zijn, voordat u een besluit neemt over het winningsplan 2018 van Nedmag of dient dit onderzoek nog plaats te vinden? Zo ja, door wie?

Antwoord 2, 3
Zowel Nedmag in de aanvulling op het winningsplan 2 als SodM in zijn advies 3 geven aan dat het bodemdalingsscenario uitgaat van de waargenomen bodemdaling waarin ook andere effecten, zoals bodemdaling door gaswinning en de autonome bodemdaling, zijn meegenomen. Het is deze cumulatieve bodemdaling waarop de genoemde adviezen betrekking hebben.

Bij motie van 10 april 2019 heeft lid Van der Lee (GroenLinks) de regering verzocht dat, voordat een besluit wordt genomen over het winningsplan 2018 van Nedmag, onderzocht wordt wat de cumulatieve effecten zijn van de mijnbouwactiviteiten in de regio. Bij de beoordeling van de aanvraag zal ik invulling geven aan deze motie.

Het is de rol en verantwoordelijkheid van zowel TNO als SodM om in hun advies op een winningsplan na te gaan of de geschetste scenario’s voor onder meer de verwachte bodemdaling reëel zijn en er voldoende veiligheidsmarges in acht worden genomen. Het staat buiten kijf dat voor een goede advisering op zowel de veiligheid als op de nadelige effecten van de bodemdaling voor het gebied er zicht moet zijn op de cumulatieve bodemdaling.

Tevens heb ik de decentrale overheden, vanwege hun regionale en lokale kennis van het gebied, gevraagd om mij te adviseren over de nadelige gevolgen van de totaal te verwachten bodemdaling. Met name effecten op natuur en milieu, de veiligheid van omwonenden en de te verwachten effecten op aanwezige bebouwing of infrastructurele werken of de functionaliteit daarvan, zijn van belang voor de afweging die ik moet maken in het besluit. Na ontvangst van alle adviezen, beoordeel ik de aanvraag in het licht van de cumulatieve effecten van de reeds vergunde mijnbouwactiviteiten in het gebied.

  • Vraag 4
    Kunt u verklaren waarom in de gepubliceerde rapporten van SODM en TNO niet expliciet is ingegaan op «de cumulatieve effecten van de mijnbouweffecten in de regio» of wordt stilgestaan bij bovengenoemde motie-Van der Lee c.s.?
  • Vraag 5
    Bent u bereid SODM te vragen hoe zij in hun advies tot een deels positief oordeel hebben kunnen komen over zoutwinning in nieuwe gebieden zonder eerst het onderzoek naar cumulatieve effecten in de regio uitgevoerd en gepubliceerd te hebben?

Antwoord 4, 5
Ik hecht grote waarde aan het feit dat de adviseurs onafhankelijk zijn in hun oordeel en in hun advies aan mij. Als ik verduidelijking nodig heb op een advies, dan kan ik dat vragen.

Zoals aangegeven, is bij de beschrijving van de bodemdaling en de risicoanalyse daarvan door SodM, rekening gehouden met de gaswinning uit nabij gelegen gasvelden (Groningenveld en Annerveen). De weging van deze adviezen vindt plaats in de motivatie van het besluit dat ik ga nemen op de aanvraag. In mijn besluit zal ik expliciet ingaan op de cumulatieve bodemdaling in het gebied en de motie Van der Lee c.s.

Overigens heb ik TNO gevraagd om een kaart te maken waarop de bodemdalingscontouren staan aangegeven van de cumulatieve bodemdaling die op grond van de nu geldende vergunningen en maatregelen wordt verwacht.Daarnaast heb ik TNO ook gevraagd eenzelfde kaart te maken, maar dan met de cumulatieve bodemdaling rekening houdend met het winningsplan van Nedmag dat ik nu in behandeling heb.

  • Vraag 6
    Binnen welk tijdsbestek bent u van plan een besluit te nemen over het winningsplan van Nedmag?
  • Vraag 7
    Bent u bereid, als dit besluit op korte termijn op handen is, uw besluit uit te stellen totdat deze Kamervragen beantwoord zijn en de resultaten van het onderzoek naar cumulatieve effecten publiek zijn gemaakt en met de Kamer zijn gedeeld?

Antwoord 6, 7
Ik verwacht niet op korte termijn een besluit te nemen. Momenteel ben ik nog in afwachting van de adviezen van de Technische commissie bodembeweging (Tcbb) en van de regionale overheden.Na ontvangst van deze adviezen zal ik nog advies aan de Mijnraad vragen.

Een ontwerpinstemmingsbesluit zal ik niet eerder dan in het eerste kwartaal van 2020 kunnen nemen. Vervolgens volgt er nog een zienswijze periode, en na verwerking van alle zienswijzen kan ik pas een definitief besluit nemen. In het ontwerpinstemmingsbesluit zal ik expliciet ingaan op de cumulatieve effecten van alle mijnbouwactiviteiten in het gebied.

Zie ook

 

Winningsplan Nedmag onverantwoord, meer onderzoek nodig

20 november 2019 | Stop Zoutwinning

Volgens Waterschap Hunze en Aa’s ontbreekt er zoveel informatie aan het winningsplan Nedmag 2018 dat de minister van Economische Zaken en Klimaat (EZK) hier nog niet mee in zou mogen stemmen.
Diverse onderwerpen zijn onvoldoende onderbouwd of zelfs helemaal (nog) niet onderzocht.

Het is niet duidelijk wat de gevolgen zijn en waar deze aan de bovengrond zullen optreden.
Op basis van dit winningsplan een vergunning afgeven zou volgens het waterschap onverantwoord zijn.

Er moet onder andere nog worden onderzocht wat de gevolgen van de bodemdaling zijn op de grondwaterstromingen in het bodemdalingsgebied en naar de directe omgeving daarvan.
Dat is nodig om te kunnen bepalen welke gevolgen dit heeft op het grondgebruik van o.a.: land- en tuinbouw, natuur, gebouwen, wegen, riolering, kabels en leidingen.

De gevolgen voor mens en milieu aan de bovengrond zijn zelfs helemaal niet meegenomen in het winningsplan. Volgens het waterschap zou voor een bodemdaling met een dusdanig vergaande impact op de bovengrond en de ondiepe ondergrond een milieu effect rapportage (MER) op zijn plaats zijn.

Volgens het waterschap zijn en blijven de dynamiek en de complexiteit van de diepe ondergrond onvoorspelbaar. Naar de toekomst toe is het uitermate onzeker of er zich geen nieuwe calamiteiten en/of onvoorziene ontwikkelingen zullen voordoen die van invloed zullen zijn op het functioneren van het watersysteem. Het waterschap is van mening dat álle risico’s en gevolgen van zoutwinning volledig voor rekening zijn van de veroorzaker, niet alleen nu maar ook in de verre toekomst. Het mag niet zo zijn dat het waterschap (en dus de inwoners) dit moet betalen.

Volgens het waterschap ontbreken in dit winningsplan de benodigde zorgvuldigheid en volledigheid. In haar brief aan de minister van EZK doet zij een aantal aanbevelingen over welke onderzoeken en maatregelen noodzakelijk zijn om een zorgvuldig en verantwoord besluit te kunnen nemen.

We zijn onder de indruk van de manier waarop Waterschap Hunze en Aa’s haar adviesrol invult, haar verantwoordelijkheid neemt richting inwoners en van de keuze om het advies zo te verwoorden dat dit ook voor belanghebbende inwoners begrijpelijk is. Hier kunnen veel instanties een voorbeeld aan nemen!

Brief Advies Waterschap Hunze en Aa’s aan Minister van Economische Zaken en Klimaat  | Waterschap Hunze en Aa’s | 13 november 2019
Bijlage bij Advies met toelichting  |   Waterschap Hunze en Aa’s | 13 november 2019

 

Mijnbouwgegevens onbetrouwbaar

9 november 2019 | Stop Zoutwinning

Schokkende resultaten gezamenlijk onderzoek van de noordelijke regionale omroepen bevestigen dat we niet kunnen vertrouwen op de informatie die mijnbouwbedrijven aanleveren.

  • Besluiten en risico-afwegingen over mijnbouw zijn gebaseerd op informatie van de mijnbouwbedrijven zelf.
  • Er wordt onvoldoende gecontroleerd of die informatie wel klopt.
  • De mijnbouwsector bepaalt zelf wat, waar, wanneer en hoe gemeten wordt en hoe die metingen geanalyseerd, geïnterpreteerd en gepubliceerd worden.
  • Die gegevens zijn niet allemaal voor iedereen toegankelijk waardoor de juistheid daarvan niet door onafhankelijke wetenschappers kan worden vastgesteld.
  • Onafhankelijke controle is wel nodig omdat de mijnbouwsector er grote financiële belangen bij heeft om de risico’s te bagatelliseren en de kosten te beperken.
    Dat doen ze ook, daar zijn tientallen voorbeelden van.
  • De winsten uit de gas-, zout- of oliewinning worden gedeeld tussen de winmaatschappijen en het ministerie van Economische zaken en Klimaat (EZK). EZK heeft daardoor dus ook financiële belangen, terwijl die ook verantwoordelijk is voor de vergunningverlening, toezicht en handhaving.

Uit diverse onderzoeken is gebleken dat die informatie niet betrouwbaar is. Gerenommeerd onderzoeker ir. Adriaan Houtenbos brengt dit al langere tijd onder de aandacht. Het is dus niet zo dat de overheid dit niet weet.
Er worden dus vergunningen op oneigenlijke gronden verleend. Het is nog niet duidelijk hoeveel dat er precies zijn, maar er zijn  al tientallen voorbeelden gevonden.

In de onderstaande video’s van rtv Oost wordt kort en duidelijk uitgelegd hoe dit werkt.

De conclusies uit het nieuwe gezamenlijk onderzoek van de noordelijke omroepen zijn ronduit schokkend!
In de uitstekende artikelen van Omrop Fryslân en rtv Oost wordt dit zo goed beschreven dat dit voor iederen duidelijk is:

rtv Drenthe heeft ervoor gekozen om niet alle onderzoeksresultaten te publiceren maar alleen een samenvatting.
RTV Noord deed ook mee aan het onderzoek maar heeft er tot nu toe nog helemaal niets over gepubliceerd. Wij gaan er van uit dat dit alsnog zal gebeuren, tenslotte is dit ook voor veel inwoners van Groningen en Drenthe buitengewoon belangrijk.

De zoutwinning door Nouryon bij Winschoten wordt niet genoemd, terwijl het daar toch waarschijnlijk niet anders zal zijn. Wij verwachten dat er nog een vervolg komt.

Korte video’s met uitleg van rtv Oost



Zoutwinning: de winst vloeit naar het buitenland, maar de provincies blijven met de brokken zitten

14 oktober 2019 | Follow the Money | Arne van der wal & Goos de Boer

Nederland is in Europa de op een na grootste producent van zout. De zoutwinning heeft lange tijd in de schaduw gestaan van de gaswinning. Net als bij het gas, zijn de schadelijke gevolgen lang gebagatelliseerd. Daar komt langzaam verandering in. Maar een ‘afbouwplan’ ontbreekt nog.

Een paar citaten:

“Houtenbos zegt dat bij alle incidenten die er de afgelopen jaren plaats hebben gehad geen een ‘vóór aanvang van de winning als reële mogelijkheid werd onderkend’.

Met andere woorden: we denken wel dat de risico’s laag zijn, maar in werkelijkheid hebben we er vooral niet zo’n goed beeld van. Houtenbos is van mening dat de overheid bij de beoordeling van de risico’s te veel uitgaat van de theoretische modellen die de mijnbouwer heeft verstrekt. En die zijn volgens hem nooit accuraat geweest.”

“Terwijl de zeespiegel de komende decennia almaar verder stijgt, daalt de bodem in het noorden van het land als gevolg van gas- en zoutwinning gestaag. Volgens experts zoals Houtenbos verloopt bodemdaling door gas- en zoutwinning op zich heel geleidelijk, maar veelal sneller en langer na-ijlend dan mijnbouwbedrijven vooraf aangeven. Bodemdaling door zoutwinning kan door technische problemen plotseling oncontroleerbaar versnellen.”

Lees verder …

Jakoba Gräper-Niemeijer en Stop Zoutwinning wonnen de pitch die FTM samen met regionale omroepen van Groningen, Friesland, Drenthe en Overijssel organiseerde.
Dit is het 5e artikel in die serie

SodM-jaarverslag 2018

17 mei 2019 | Stop Zoutwinning

Het jaarverslag van Staatstoezicht op de Mijnen (SodM) over 2018 geeft een veel rooskleuriger beeld over de risico’s van zoutwinning dan o.a. de SodM-reactie op het eindrapport van Nedmag over de calamiteit bij Tripscompagnie op 20 april 2018.

Inmiddels is volstrekt duidelijk dat men veel te weinig weet over de risico’s van zoutwinning, de gevolgen op langere termijn en de risico’s door de combinatie van o.a. gas- en zoutwinning (gestapelde mijnbouw).

SodM wekt hiermee de indruk de risico’s te bagatelliseren. Dit helpt niet om het vertrouwen van de inwoners van onze regio terug te winnen, een gemiste kans!